background

In ones own right

begrippen verklaren 2015 © marchoeijmans - Kröller-Müller

GEVLEUGELDE WOORDEN

Rechten en plichten

In de eerste twee bijeenkomsten heb je kennis gemaakt met het onderwerp beeldrecht en auteursrecht. Je hebt wellicht begrepen dat het een ingewikkelde materie is. In deze bijeenkomst doe je onderzoek naar verschillende soorten ‘rechten’.
Je gaat met de groep beschrijven wat de onderstaande onderdelen inhouden. Je beschrijft ook de belangrijkste overeenkomsten en verschillen. De volgende onderdelen komen aan bod:

01. Auteursrecht 02. Beeldcitaatrecht 03. Chipsrecht
04. Citaatrecht 05. Databankenrecht 06. Distributierecht
07. Divulgatierecht 08. Eigendomsrecht 09. Handelsnaamrecht
10. Intigiteitsrecht 11. Kopierecht 12. Kwekersrecht
13. Licentie 14. Merkenrecht 15. Modelrecht
16. Naburig recht 17. Octrooirecht 18. Open licentie
19. Patentrecht 20. Persoonlijkheidsrecht 21. Portretrecht
22. Reproductierecht 23. Tekeningen- en modellenrecht 24. Topgrafierecht
25. Vaderschapsrecht 26. Volgrecht  

Tip: Probeer er samen achter te komen met welke soorten recht jij in je studie het meest te maken krijgt. Hoe ga je met het geleerde tijdens je studie om? Wat doe je wel, wat doe je niet? hoe regel je wat nodig is? Waar zitten de belangrijkste verschillen? et cetera.

 

Opdracht (groep)

- Doe onderzoek naar de betekenis van de aangereikte begrippen.
- Maak een helder overzicht van je onderzoek. Bewaar dit bij de module.
- Zet de belangrijkste bevindingen op een groot vel papier en presenteer het aan de klas.

 

Opleveren (individueel)

- Glossarium: overzicht van de begrippen met de betekenis, overeenkomsten en verschillen.

(Elk groepslid krijgt een kopie van het groepswerk.)